[Pilot-fase] Hoe print ik een monsteretiket bij een labaanvraag?

Bij een labaanvraag kun je aan het eind van de aanvraag een compact etiket met het ZorgDomein-nummer printen op een labelprinter op de praktijk. Je plakt het etiket direct op het afgenomen materiaal, waarmee het materiaal identificeerbaar is voor het laboratorium. Het printen van het papieren patiëntbericht is daarmee niet meer nodig om bij het materiaal te voegen.

Let op: Deze functionaliteit bevindt zich in een pilot-fase en wordt stap voor stap uitgerold per labkoppeling. Tijdens de pilot zie je de printknop alleen als het monsteretiket is aangezet voor jouw praktijk. Neem contact op met je laboratorium of ZorgDomein als je wilt weten of je praktijk kan meedoen.

Dit heb je nodig

  • Een actief ZorgDomein-account
  • Je hebt de rol aanvrager
  • Een labelprinter op de praktijk. Bijvoorbeeld Dymo of Zebra
  • Etiketten in een passend formaat, 25 x 50 mm is gangbaar
  • Een laboratorium waarvoor het monsteretiket is aangezet

Zo doe je het

  1. Log in op ZorgDomein en start een labaanvraag
  2. Klik op Verstuur aanvraag

  3. Klik in het scherm 'Uw aanvraag via ZorgDomein is succesvol afgerond' op Print monsteretiket

    • Ga om een etiket later te printen naar Regie, zoek de aanvraag op patiëntnaam of ZD-nummer en klikt daar op Print monsteretiket

  4. Vul in het venster Etiketformaat instellen de afnamedatum in. Zet een vinkje bij handmatig noteren als de afname later plaatsvindt

  5. Vul de breedte en hoogte van je etiketten in millimeters in

  6. Klik op Doorgaan

  7. Selecteer  je labelprinter en controleer eenmalig de printerinstellingen: 

    • Stel het juiste papierformaat in. Bijvoorbeeld 25mm x 50mm

    • Zet de schaal op 100

    • Stel de margins in op minimum

    • Print geen headers en footers

  8. Print het etiket en Plak deze op het afgenomen materiaal

Let op: Controleer bij de eerste print of het etiket recht en volledig op het label staat en of de DataMatrix-code scherp is. Een beschadigde of afgesneden code kan het laboratorium niet scannen.

Dit kun je verwachten

Het laboratorium scant de DataMatrix-code bij ontvangst van het materiaal en haalt daarmee direct de aanvraag erbij. Gedurende de pilot-fase moet ook het papieren bericht nog bij het potje gevoegd worden. In het laboratorium wordt het materiaal daarna vaak over gestickerd met een eigen LIS-nummer voor de analyzers.

Goed om te weten

  • Het monsteretiket is bedoeld voor materiaal dat je zelf afneemt of aan de patiënt meegeeft en waarvoor je geen barcodes uit het laboratoriuminformatiesysteem (LIS) beschikbaar hebt. Het kan voor zowel Klinische Chemie (KC) als medische microbiologie (MMB) en pathologie aanvragen

  • ZorgDomein genereert automatisch het juiste aantal etiketten: Één etiket per materiaal, per container

  • Het standaard labelformaat is 25 x 50 mm. Dit formaat is getoetst bij laboratoria en past op de meeste potjes en buizen. Wel is het mogelijk een ander formaat te gebruiken

  • Het printen is getest op Dymo en Zebra labelprinters. Aanschaf, beheer en onderhoud van de labelprinter en de etiketten ligt bij de praktijk zelf, net als bij printers die nu voor barcodes worden gebruikt

  • Print bij een storing van de labelprinter het papieren patiëntbericht en doe dat bij het materiaal. Tijdens de pilot blijft het papieren patiëntbericht beschikbaar

Wat staat er op het etiket?

Bij een klinische chemie label staan de volgende gegevens op het etiket:

  • DataMatrix-code met het ZD-nummer
  • ZD-nummer als leesbare tekst
  • Afname datum/tijd van moment van aanvraag, of vrij invulbaar
  • Naam van de patiënt met voorletters
  • Geboortedatum
  • Container als leesbare tekst

Bij een medische microbiologie of pathologie label staan de volgende gegevens op het etiket:

  • DataMatrix-code met het ZD-nummer
  • ZD-nummer als leesbare tekst
  • Afname datum/tijd van moment van aanvraag, of vrij invulbaar (bij pathologie enkel datum, géén tijd)
  • Naam van de patiënt met voorletters
  • Geboortedatum
  • Materiaal als leesbare tekst
  • Zijdigheid als code L, R, of B (beiderzijds)
  • Herkomst als leesbare tekst

Het BSN staat niet op het etiket. Dit is niet noodzakelijk voor identificatie van het materiaal en mag ook niet om te voldoen aan de AVG.